Bomen zijn van levensbelang voor mensen en dieren. In deze tijd van klimaatverandering en achteruitgang van de biodiversiteit worden bomen steeds belangrijker. Waarom? Omdat ze met hun nuttige eigenschappen kunnen bijdragen aan het aanpakken van deze problemen.

Klimaatredders door CO2-opname

Een gemiddelde boom is in staat om per jaar 10 tot 20 kg CO2 op te nemen in zijn biomassa en om te zetten in zuurstof. Er is berekend dat de effecten van de CO2-uitstoot voor een groot deel kunnen worden gecompenseerd door het wereldwijd aanplanten van 1 biljoen bomen (ja, dat is duizend maal miljard!). Nu staan er ongeveer drie biljoen bomen op aarde. En dat worden er ieder jaar stukken minder. Er is dus werk aan de winkel, zeker als we ver blijven reizen. Voor een vakantie naar Zuid-Spanje moet je ter compensatie wel 154 bomen planten. Ga je naar Tokio? Neem dan 760 bomen mee!

Bloeiende airco’s

Je mag van geluk spreken als er veel bomen in je straat staan. Een boom compenseert de (fijnstof-) uitstoot van 10.000 autokilometers. Naast een betere luchtkwaliteit zorgt een boom voor verkoeling op warme zomerdagen. Een flinke boom vervangt op zo’n moment tien airco’s. In dezelfde straat zonder bomen kan de temperatuur vier graden hoger liggen. Daarnaast is een straat mét bomen natuurlijk veel mooier dan zonder, zeker in het voorjaar als ze in bloei staan. Een keertje bladeren vegen weegt daar wel tegenop. Dat kunnen er overigens veel zijn. Een volgroeide eik kan 1,7 miljoen bladeren bevatten. Als je die allemaal op moet vegen, moet je maar denken dat ieder blad zijn best heeft gedaan om voor schoner water en koelere lucht te zorgen.

Inheemse bomen en insecten

Bomen leveren voedsel aan insecten en veel andere dieren. In een zomereik kunnen tot 420 soorten insecten voorkomen en in een wilg wel 450 soorten. Inlandse bomen zijn belangrijk voor de overleving van insecten en dus insecteneters (waarvan vele weer voedsel zijn voor grotere dieren). Maar er worden ook veel ‘exoten’ aangeplant, bijvoorbeeld omdat die beter tegen warmte en droogte kunnen, dus met het oog op de klimaatverandering. In exoten komen echter veel minder insecten voor, simpelweg omdat ze die bomen niet kennen. Bovendien kunnen ze andere bomen en planten verdringen. Het is daarom beter om als eerste keus te kijken naar soorten die in die regio inheems zijn en niet woekeren.

Medicijnleveranciers

Tevens verbeteren bomen de waterkwaliteit en zijn ze leveranciers van veel medicijnen. Wilgen helpen tegen malaria en leveren de grondstof voor aspirine. Taxusnaalden worden gebruikt bij kankerbestrijding. Linde en grove den helpen bij verkoudheid, berken bij artritis en de ginkgo bij vergeetachtigheid. En zo zijn er nog veel meer nuttige zaken van bomen te maken. Samenvattend is het dus niet meer dan normaal dat bomen de aandacht krijgen die ze verdienen.