Eikenprocessierupsen gezien? Meld het!

In het voorjaar en de zomer kunt u ze tegenkomen: de eikenprocessierupsen. Op eikenbomen kunt u in de maanden mei, juni en juli behaarde rupsen aantreffen. Deze kleine rupsen kunnen grote overlast veroorzaken. Hun brandharen zorgen voor jeuk, huiduitslag en irritatie aan ogen en luchtwegen. Daarom houdt de gemeente de situatie goed in de gaten en grijpt in waar dat nodig is.

Eikenprocesssierupsen

De eikenprocessierups is al heel wat jaren actief in Nederland. De rups is de larve van de nachtvlinder die haar eitjes legt in de toppen van vooral eikenbomen waarin ze overwintert. Tussen half april en begin mei komen de rupsen uit de eitjes. Aanvankelijk zitten ze hoog in de boom. Na een aantal vervellingen komen groepjes rupsen samen en vormen grote nesten op de stammen van eikenbomen. Na de vierde vervelling krijgen ze brandharen die een allergische reactie kunnen veroorzaken bij mensen en dieren. De nesten bestaan uit een dicht spinsel van draden, brandharen, vervellingshuidjes en uitwerpselen. Vanuit hun nesten gaan de rupsen ’s nachts in processie op zoek naar voedsel.

Overlast voorkomen

De eikenprocessierups hoort bij de natuur, maar overlast willen we zoveel mogelijk voorkomen. Door goed te kijken waar de risico’s het grootst zijn en door samen alert te blijven, zorgen we ervoor dat iedereen veilig buiten kan zijn. Niet overal is de aanpak in de openbare ruimte hetzelfde. Het verschil zit vooral in één vraag: hoeveel mensen komen er?

Waar mensen zijn, is het risico groter

Op plekken waar veel mensen komen, denk aan woonwijken, scholen, speeltuinen en winkelgebieden, is de kans op klachten groter. Hier spelen kinderen, lopen mensen dagelijks langs en is het altijd in beweging. Daarom pakt de gemeente de eikenprocessierups hier actief en snel aan.

Wat doet de gemeente als er in zo’n druk gebied een nest wordt gevonden?

Dan:

  • informeren we inwoners actief;
  • vragen we om meldingen te doen;
  • plaatsen we zo nodig waarschuwingsborden;
  • en verwijderen we het nest zo snel mogelijk.

Ook bij meldingen van gezondheidsklachten wordt direct actie ondernomen.

Rustige plekken

Niet elke plek is even druk. In parken, langs fietsroutes of aan de rand van woonwijken is er wel activiteit, maar minder intensief. Hier kiest de gemeente voor een gerichte aanpak.

Dan:

  • geven we informatie via de website;
  • vragen we inwoners om nesten te melden via de BuitenBeter-app;
  • en verwijderen we nesten wanneer dat nodig is.

Natuurgebieden

In de natuur geven we ruimte, maar blijven we alert. In afgelegen gebieden en plekken waar weinig mensen komen, is de kans op overlast kleiner. Daar hoeft niet elk nest meteen weggehaald te worden.

Dat betekent niet dat we niets doen. 

Dan:

  • registreren we meldingen;
  • beoordelen we de situatie;
  • en grijpen we in als er toch risico ontstaat.

De aanpak hangt ook af van het seizoen. In het voorjaar en de vroege zomer (januari tot juli) zijn de rupsen actief en vormen ze nesten. Dit is de belangrijkste periode om in te grijpen. Later in het jaar (augustus tot december) gaat het vaak om oude of verlaten nesten. Die vormen meestal minder risico, maar kunnen nog wel klachten veroorzaken. Daarom blijven we ook dan meldingen volgen.

Uw melding helpt

Ziet u een nest van de eikenprocessierups? Met de BuitenBeter-app kunt u gemakkelijk en snel een melding doorgeven. Wij beoordelen elke melding. De aanwezigheid van de eikenprocessierups vraagt om een zorgvuldige afweging van risico’s in de openbare ruimte. Die risico’s hangen sterk samen met hoe intensief een plek door mensen wordt gebruikt. Hoe meer activiteit, hoe groter de kans op overlast of incidenten. 

Uw melding helpt ons om snel te zien waar actie nodig is. Zeker op drukke plekken kan dat het verschil maken.